Een stapje opzij

Luisteren naar je intuitie betekent soms dat je een stapje opzij doet in plaats van omhoog.

December 2016, donderdagavond. Vol zelfvertrouwen rijd ik naar het hoofdbureau. “Dit kan ik!”, denk ik, terwijl ik de auto parkeer. “Deze plek komt op het juiste moment. Een functie waarbij ik specialist kan zijn en expert kan worden op mijn vakgebied. Na jaren hard werken en studeren gaat het dan eindelijk gebeuren. Een functie waar ik helemaal mijn ei in kwijt kan, waar ik invloed kan uitoefenen op het opsporingsproces en daarbij het recherchevak een stukje beter kan maken.”

Ik had een goed gevoel overgehouden aan het verkennende gesprek met de voorzitter van de commissie. Ik kan niet uitleggen waarom maar het voelt als de juiste stap. Een flinke stap hogerop. “Zou dit het dan zijn?” denk ik. “Die ene functie die me als gegoten zit en waar ik me eindelijk thuis ga voelen en nuttig ga voelen?”

Ik loop de ruimte binnen waar het sollicitatiegesprek gaat plaatsvinden en ik zie een aantal mensen zitten. Eén daarvan is een blonde vrouw van mijn leeftijd. Naast haar zit een vrouw van HRM om het proces te bewaken en links van haar een man die ik ken van gezicht.

Na 20 jaar bij de politie, leer je een hoop mensen kennen. Soms zo veel dat je na een paar jaar niet eens weet waarvan je ze kent. “Wel ongebruikelijk hè, een gesprek in de avond?” zegt hij tegen me. Ik vertel hem dat het eigenlijk goed uitkwam. Ik had een schiettraining gehad voor het nieuwe dienstpistool. In verband met mijn zwangerschap was ik één van de allerlaatsten die zich moest laten omscholen en dit was de laatste mogelijkheid. Ik was dus blij dat het gesprek in de avond kon.

“Ik heb daarnet nog even geschoten als een gangster, dus ik kon me heerlijk uitleven voor dit gesprek.” grap ik. De man begint te lachen, “Ja dat is altijd leuk als ze je dat nog even laten doen. Je schiet geen bal raak, dus dat is dan wel weer fijn om te weten als er ooit een gangster voor je staat.”

Het is een grapje die politiemensen altijd onderling maken. Veel criminelen schieten zijwaarts met een pistool omdat ze dat van films kennen. Hoewel het er aardig ‘badass’ uitziet, is het gelukkig alles behalve efficiënt.

De blonde vrouw kijkt me niet begrijpend aan. “Schieten als een gangster? Sorry, maar dat soort termen ken ik niet.” Ik probeer het uit te leggen, maar zoals dat vaker is met grapjes…Je had er bij moeten zijn. Ik kan niet echt hoogte van haar krijgen. “Dit kan nog een interessant gesprek worden”, denk ik.

Terwijl ik naar huis rijd, loop ik het gesprek nog eens na in mijn hoofd. “Verstandelijk heb ik misschien niet de handigste opmerkingen gemaakt,” denk ik bij mezelf. “Ik heb mezelf misschien niet echt verkocht.” Maar ik ben wel eerlijk geweest en dat is wat ik wil zijn. Thuis aangekomen vraagt mijn man hoe het is gegaan. “En en en?” vraagt hij nieuwsgierig. “Ik weet het niet,” zeg ik. “Mijn antwoorden waren misschien af en toe iets te eerlijk, iets te kritisch. Maar weet je, één ding kan ik wel zeggen, ik ben helemaal mezelf geweest en als ze dat niks vonden dan is dat prima, dan was het gewoon niet mijn plek.”

Een half jaar later loop ik het hoofdbureau binnen met een dubbel gevoel. Pff best pittig full time werken en moeder zijn. Is dit het nou? Ik houd mezelf voor dat het gewoon even wennen is en dat deze functie me uiteindelijk meer energie gaat geven. 

“Ze doen die dingen niet expres achter mijn rug om”, sus ik mijn gedachten. Ik moet me gewoon eerst bewijzen, zo werkt het gewoon bij de politie. Het is niet persoonlijk. Jij kan dit toch!” Toch knaagt er een stemmetje. “Ja, ik kan het…maar wil ik dit?” denkt de zachtere stem.

 

“Als je intuïtie tegenspreekt met je brein komt er een rotgevoel, geknaag. Het geknaag zelf is niet je intuïtie. Het geknaag komt voort omdat je brein je intuïtie tegenspreekt. Diep van binnen weet je de waarheid maar je brein wil het niet erkennen.”

Het was toch niet de functie zoals mijn leidinggevende het had uitgelegd. Hij was enthousiast en inspirerend, dat wel. Ik was aangenomen in verband met mijn authenticiteit had hij gezegd. “Je hebt wel nog wat te leren als leidinggevende, maar een vakvrouw die zo zichzelf is, dat is precies iemand die we kunnen gebruiken! Ik ga je begeleiden en helpen om te groeien als leidinggevende,” stelde hij me gerust. “Je eerste team wordt een makkie. Je wordt chef van de kip met het gouden ei. Het enige wat jij hoeft te doen, is zorgen dat de mensen die voor dit succes zorgen, goed worden ondersteund en begeleid. Jij bent de juiste persoon voor deze job. Je bent sociaal en hebt veel kennis, een perfect match! Als je zo door gaat, zit jij binnenkort op mijn plek.”

Wow, dat was wat ik altijd wilde. Hogerop komen binnen de politie, erkend worden, een verschil maken, een stukje bijdragen aan een fijnere organisatie en een betere maatschappij. Mijn droom leek uit te komen.

Waarom voelde het dan toch zo ongemakkelijk? Waarom had ik het idee dat ik in een grote oceaan was gegooid zonder reddingsboei? Waarom zag ik dan een andere afdeling als dat werd voorgespiegeld? Waarom zag ik achter het succes mensen die onderdrukt werden en zag ik onderhuids pestgedrag? Waarom zag ik zaken die niet helemaal klopten en zagen anderen die niet? Ik probeerde het weg te stoppen, maar het geknaag bleef.

Ik weet inmiddels dat dat geknaag intuïtie was die ik niet erkende. Als je intuïtie tegenspreekt met je brein komt er een rotgevoel, geknaag. Het geknaag zelf is niet je intuïtie. Het geknaag komt voort omdat je brein je intuïtie tegenspreekt. Diep van binnen weet je de waarheid maar je brein wil het niet erkennen.

Juni 2019. Ik zit niet op de plek van mijn leidinggevende. Daar waar ik in 2018 was gelabeld als ‘groeier’ en ‘talent’ ben ik inmiddels gelabeld als ‘stapje opzij’. En dat omdat ik heb geluisterd naar mijn intuïtie. Ik werk inmiddels 27 uur en verdien aanzienlijk minder.  En ik ben gelukkiger dan ooit! Het gaat niet zoals in een sprookje of ‘feel good movie’ waarbij alles binnen 1 klap op zijn plek valt, maar het voelt anders. Mijn brein heeft het af en toe nog steeds moeilijk met het loslaten van het idee dat het pad hogerop het juiste pad is, maar het pad opzij voelt gewoon beter.

Zoals het er nu naar uit ziet ga ik de politieorganisatie over een half jaar verlaten. Misschien niet voor altijd, maar wel voor nu. Ik wil de neurale paden in mijn brein uitbreiden en de wereld buiten de politie ontdekken en nieuwe dingen beleven.

Ik ben als 18-jarige bij de politie gekomen en ik heb geweldige en minder geweldige dingen meegemaakt. Ik ben tegen de hardheid, traagheid en stugheid van de organisatie aangelopen, maar ook tegen teamwork, lachen tot je bijna moet overgeven en de meest bizarre situaties die een gemiddeld persoon niet meemaakt. Ik heb gevoeld hoe het is om er niet bij te horen als je te jong, te meisjesachtig of te klein bent of juist te kritisch. Ik heb ook gevoeld hoe het is om een baan te hebben die meer een levensstijl is en die vaak net als een familie voelt. Ik heb er mijn man ontmoet en alleen daarom al had ik het nooit willen missen!

Samen met Deborah ben ik aan ‘the expandition’ begonnen. Deborah was de blonde vrouw uit de sollicitatiecommissie die niet wist hoe gangsters schoten. En wat ben ik daar blij om! Deborah wist namelijk wel hoe je naar je intuïtie moet luisteren, wat the law of attraction  inhoudt, waarom je een visionboard moet maken en dat mediteren helemaal niet zweverig is maar dat het juist je hoofd in het hier & nu houdt.

“Echt zo gek,” zei ze laatst. “Ik kan me niet eens meer herinneren waarom we nou juist jou hebben aangenomen toentertijd. Ik weet ook niet eens meer wat je allemaal hebt gezegd. De voorzitter en ik kregen gewoon een goed gevoel bij je en dat was de reden.”

Close Menu
×
×

Cart